In het Heilig Jaar vieren gelovigen van de Orthodoxe Kerken en de Katholieke Kerk Pasen op dezelfde datum. Pasen is de fundamentele gebeurtenis van het geloof, zegt paus Franciscus in zijn bul voor het Heilig Jaar. De paus roept op om de gezamenlijke paasdatum in het Heilig Jaar als “providentieel” te zien.
“Moge [de gezamenlijke paasdatum in het Heilig Jaar] een beroep doen op alle christenen van Oost en West om een beslissende stap te zetten naar een eenheid omtrent een gemeenschappelijke datum voor Pasen”, schrijft de paus. “Velen hebben, en het is goed hieraan te herinneren, geen kennis meer van de discussies uit het verleden en begrijpen niet hoe er in dezen onenigheden kunnen bestaan” (Spes non confundit 17).
Om de discussie over de paasdatum te begrijpen is het van belang te weten dat Jezus stierf op de voorbereidingsdag van het joodse paasfeest en Hij op de derde dag na deze voorbereidingsdag (onze zondag) verrees. Daarmee is er dus een samenhang tussen het joodse en christelijke paasfeest.
Er waren binnen de vroege Kerk op dit terrein twee stromingen. Er was een groep die Pasen vierde op dezelfde dag als de joden. Bij hen kon Pasen op elke dag van de week vallen. De tweede grotere groep vierde Pasen op de zondag (de zondag na de veertiende dag van de joodse maand nisan). Beide groepen herdachten de gehele verlossing door de Heer, maar bij de eerste lag de nadruk meer op het lijden, terwijl de tweede op paaszondag vooral de verrijzenis van de Heer vierde.
“Pasen is de fundamentele gebeurtenis van het geloof.”
Het Concilie van Nicea (325) besloot dat het paasfeest op de genoemde zondag gevierd moest worden. Dit is de eerste zondag na de eerste volle maan van de lente, die op 21 maart begint. Dit systeem was niet eenvoudig. Men moest rekening houden met de maancyclus, de lentecyclus en het gegeven dat Pasen steeds op een zondag moest vallen. Daarvoor werden verschillende rekensystemen ontwikkeld. Zo werd lange tijd Pasen op dezelfde datum gevierd.
In 1582 voerde de Westerse Kerk echter de zogenaamde Gregoriaanse Kalender in als opvolger van de Juliaanse kalender (ingevoerd in 45 voor Christus). De Oosterse en Orthodoxe Kerken hielden voor de berekening van de paasdatum echter vast aan de traditionele Juliaanse kalender.
Inmiddels is het volgens de Juliaanse kalender dertien dagen eerder. Het verschil tussen Juliaanse en Gregoriaanse kalender was vroeger een stuk kleiner. Om de honderd jaar komt er één dag verschil bij.
Maar dit jaar vallen beide paasdata samen. Voor paus Franciscus reden om op te roepen tot het gesprek over een gezamenlijke paasdatum voor alle christenen.

Foto: Bruno van der Kraan via Unsplash
Concilie van Nicea
Het Concilie van Nicea, dat sprak over de datering van Pasen, vond precies 1700 jaar geleden plaats. Het Concilie van Nicea is het eerste oecumenische concilie in de kerkgeschiedenis. Natuurlijk waren er al eerder lokale concilies geweest. Nadat de christenen in 311 godsdienstvrijheid kregen en er een einde was gekomen aan de christenvervolgingen, kwamen onderlinge verschillen tussen de christenen aan de oppervlakte. Er waren theologische discussies en ook disciplinaire verschillen.
Keizer Constantijn (zelf christen) was bezorgd over de eenheid van Kerk en rijk en riep daarom op 20 mei 325 in het keizerlijk paleis van Nicea (de huidige Turkse stad Iznik) een concilie bijeen. Er kwamen ongeveer driehonderd bisschoppen bijeen.
Het Concilie van Nicea is vooral bekend geworden door het beslechten van belangrijke theologische geschillen over de relatie tussen goddelijkheid van Jezus Christus en zijn relatie tot de Vader. Het concilie besloot dat Jezus wezensgelijk is aan God de Vader en daarmee werd het Arianisme (dat Jezus niet zag als werkelijk gelijk aan God) tot ketterij bestempeld.