Dinsdag 1 september verscheen op pagina 3 van het dagblad Trouw een interview met zorgminister Mirjam Sterk (CDA). Wat mij betreft: een ongelukkig en onterecht interview waarin kerken op een nare manier worden “weggezet”. En als het beeld dat zij neerzette klopte, was het nog weer anders geweest… maar het verhaal hangt van vooroordelen en onwetendheid aan elkaar.
Zelf geschreven
Trouw publiceerde een interview naar aanleiding van een toespraak die minister Sterk had gehouden en “die ze voor deze keer helemaal zelf had geschreven” (aldus Trouw). We kunnen dus geen ambtenaar de schuld geven van de toespraak die zij in het interview samenvatte en toelichtte!
Citaten
Een paar citaten: “De kerken zijn vaak verworden tot commentatoren op de tekortkomingen van de overheid op het gebied van zorg, welzijn en asiel. Zonder zelf echt in te springen en te doordenken …”. En: “Ik kom in mijn werk als zorgminister geestelijk verzorgers tegen in gevangenissen en zorginstellingen. Verder zie ik de kerk nergens meer. Nu je ziet dat de overheid niet meer alle zorg kan opbrengen, vind ik dat de kerken na moeten denken hoe ze in dat gat kunnen springen…”. In het antwoord op een volgende vraag van Trouw komt de aap uit de mouw: “Maar heel concreet: als kerken hun bezit verkopen, dan doen ze dat vaak wel aan de hoogste bieder. Misschien moet je ze dat niet kwalijk nemen, want ze hebben dat geld vast nodig om hun eigen gemeenschap in stand te houden. Maar ik denk wel: je kunt voor een ontwikkelaar van een Knarrenhof kiezen…”.
Als de minister even verder concreet wordt: “Het gaat meer om het ondersteunen van mensen, denk bijvoorbeeld aan het koffiedrinken met mensen met mentale problemen”.
Zou de minister echt denken dat kerken zelf niet op zo’n idee zijn gekomen? De vooroordelen spatten eraf!
Een reactie
Het raakte me wel dat dit verhaal uit de koker van een minister van het CDA kwam. Met zulke vrienden hebben we als kerken geen vijanden meer nodig! Één conclusie is, lijkt me, duidelijk: Mirjam Sterk is niet (meer) vertrouwd met het werk dat in parochies en gemeenten gebeurt. De enige caritatieve activiteit die zij zegt te kennen is die waarmee zij ambtelijk als minister heeft te maken! Wat treurig!
Niet leuk
Maar zo’n interview van een minister is natuurlijk ook niet leuk voor alle vrijwilligers die zich namens de kerken voor caritatieve activiteiten inzetten. Zij worden blijkbaar niet gezien. In de ministerraad wordt zo te horen niets uitgewisseld op dit gebied: premier Jetten is nog maar pas geleden op bezoek geweest bij “Stem in de stad”, de oecumenische diaconie/caritas-organisatie in Haarlem waar verklaarde dat hij “enorm onder de indruk” was. In vrijwel elke parochie is een PCI (Parochiële Caritas Instelling). Sinds enkele jaren hebben we op het Waterlooplein in Amsterdam Sant’ Egidio gehuisvest. Ik kan nog een heel lange lijst geven van organisaties en activiteiten, maar ik schrik er wel van dat de minister voor zorg van dit alles helaas niets weet… Over marginalisatie van kerken en secularisatie gesproken…
En wat de katholieke kerk betreft…
Naar de katholieke kerk toe vind ik haar reactie zuur. In de zestiende eeuw heeft de Nederlandse overheid van destijds alle bezit van de katholieke kerk geconfisceerd, niet alleen kerken maar alles; daarna was het katholieke geloof gedurende twee eeuwen een ongeoorloofde godsdienst, zonder de mogelijkheid om als kerk bezit te hebben. In de negentiende eeuw, toen er vrijheid kwam voor de katholieken, kwamen de katholieken uit hun schuilkerken en hebben vanuit het niets vele kerken gesticht en eindeloos veel ziekenhuizen opgericht en instellingen voor ouderenzorg, kindertehuizen, scholen en wat al niet. Vele religieuze instituten die werden geïnitieerd, stonden borg voor zorg en onderwijs. De katholieke kerk heeft dus geen grote vermogens op kunnen bouwen, maar haar geld gestoken in kerken en heel veel werken van zorg voor de naaste.
Monumenten
Veel van die kerken zijn op de monumentlijst geplaatst en er rust van overheidswege dus een plicht op de parochies die kerken te onderhouden. De kerken worden in ons land niet zoals in veel Europese landen door de burgerlijke overheid bekostigd, al zijn ze vaak beeldbepalend en waar mogelijk toegankelijk voor iedereen; er is alleen een gedeeltelijke vergoeding voor de restauratie van rijksmonumenten (de vergoeding voor gemeentelijke monumenten stelt nauwelijks iets voor).
Financiële uitdagingen
We zijn dankbaar dat zich nu meer jongeren tot de kerk wenden, maar dat neemt niet weg dat we toch nog kerken moeten afstoten, want individualisering en secularisatie hebben diepe wonden geslagen en vele parochies draaien al jaren met bloedrode cijfers. De jongeren hebben niet de vermogens die tot instandhouding van de kerken kunnen leiden. Veel monumentale kerken staan voor enorme uitdagingen en ze moeten dus gebouwen afstoten.
Het is in die moeilijke situatie dat de verleiding groot kan zijn om kerken op oneigenlijke wijze onder druk te zetten. De minister lijkt zich bij die trend aan te willen sluiten door haar interview, maar ik hoop nauturlijk dat ik dat helemaal mis heb.
De kerk blijft haar inzet voor caritas trouw
Ondanks deze moeilijke situatie is de kerk op het gebied van de caritas, de zorg voor de naaste actief. Zoals genoemd: bijna alle parochies hebben een Parochiële Caritas Instelling die daar in de parochies borg voor tracht te staan.
Vraag…
Het zou mij en vele mensen die zich voor caritas inzetten, goed doen, als de minister haar woorden zou willen heroverwegen.
Bron: Arsacal

























































