Op 24 juni j.l. hield eerwaarde pater Gerben Zweers een enthousiasmerende lezing over de heilige Augustinus.
Op deze zeer warme zomeravond vielen de mussen van het dak maar Pater Gerben Zweers die evenals paus Leo de IVe behoort tot de Augustijnen bleef tot het einde toe gloedvol vertellen. Augustijnen dragen normaal gesproken een zwart habijt maar op deze warme avond droeg de spreker een wit habijt.
‘Als kardinaal Robert Prevost gekozen wordt zal hij het volgende citaat van Augustinus gebruiken’ zo voorspelde destijds Pater Zweers:
“Bisschop ben ik voor U, Christen ben ik met U’
De voorspelling van Pater Zweers is uitgekomen: toen Paus Leo de IVe zijn eerste toespraak gaf als Paus, Bisschop van Rome, citeerde hij inderdaad genoemd citaat van onze kerkvader Augustinus.
Wie was de Heilige Augustinus?
Om te weten wie Augustinus was, is het belangrijk het tijdsbeeld waarin hij leefde kort te schetsen.
De Heilige Augustinus werd geboren werd in 354 na Christus; een roerige tijd.
Het was een periode waarin het Christendom met vlagen werd vervolgd. Keizers waren in eerste instantie nog geen Christen maar vanaf 300 kwam daar verandering in. Keizers werden Christen alsmede de meeste burgers. Het Christendom groeide uit tot staatsgodsdienst.
Augustinus werd geboren in Thygaste, Algerije en groeide uit tot een beroemde kerkvader. Andere kerkvaders uit deze periode waren; Gregorius, Heronimus, en Ambrosius.
Augustinus heeft een levenspad bewandeld dat voor veel mensen misschien deels herkenbaar is; vol menselijkheid, vriendschap en aardse genoegens.
Hij had een getinte huid en golvend donker haar. Zijn vader was Patriciër en heiden, een driftig mannetje. Zijn moeder was Christen en Berber. Noord-Afrika maakte deel uit van het Romeinse rijk en bleef Christelijk tot de komst van de Islam in de zesde eeuw.
Augustinus was intelligent en zijn vader wilde dat zijn zoon ging studeren. Het werd rethorica; welsprekenheid in Carthago.
Augustinus had vanaf zijn 17e 18e levensjaar een vriendinnetje van wie hij veel heeft gehouden, hij kreeg op zijn tweeëntwintigste een zoon die hij Adeodatus (door God gegeven) noemde.
Na het lezen van het boek ‘Hortensius’ van Cicero was hij diep geraakt ook door de filosofie; de liefde tot de wijsheid.
Over de Bijbel zei hij: ’Wat een simpel boek is dit.’
Op zijn zoektocht naar wijsheid kwam hij terecht in de sekte van de Manicheeërs. Een sekte die zich bezighield met de vraag naar goed en kwaad en een tweedeling maakte van licht en donker. Augustinus bleef slechts toehoorder.
Rond zijn dertigste verhuist Augustinus naar Milaan waar de keizer woonde. Hij kreeg de opdracht als hoogleraar toespraken te schrijven; een staatsopdracht.
Zijn moeder, Monica ging voor hem op zoek naar een vrouw, zijn vriendinnetje werd weggestuurd omdat ze van lagere komaf was. Een twaalfjarige vrouw werd zijn echtgenote, veel te jong voor Augustinus. Hij nam dan ook een bij-vrouw.
Vriendschap belangrijk
Augustinus had altijd vrienden om zich heen. Eén van hen was Hybridius die Christen was geworden en in Trier was geweest. Door hem kwam Augustinus in aanraking met het kloosterleven.
Twee jaar later, in 386 komt Augustinus via een kinderstemmetje tot bekering. “Tolle Lege” hoort hij het stemmetje zeggen. Hij vat het op als ‘pak de Bijbel en lees’. Hij komt het inzicht ‘ik moet mijn leven heel anders inrichten’.
Hij laat zich samen met zijn zoon door Bisschop Ambrosius dopen in Milaan waar hij stopt met zijn werk als hoogleraar. Hij wil graag terug naar zijn geboorteplaats Thygaste. In deze periode overlijdt zijn moeder.
In de villa van zijn ouders in Thygaste begint hij een studieuze gemeenschap. Een centrale rol in het de gemeenschap speelt vriendschap. In deze periode is Augustinus heel gelukkig, schrijft hij boeken en preken.
Hij bezoekt Hippo waar de oude Bisschop Valerius aan het preken is. Er wordt een opvolger gezocht en de menigte valt op hem. Augustinus barst in tranen uit. Hij wilde dit eigenlijk niet. Hij was immers hoogleraar geweest en eerst moest hij nog priester worden. Desondanks stemt Augustinus in onder twee voorwaarden.
Ten eerste wil hij tijd krijgen om de Bijbel te lezen. Tevens wil hij in de gemeenschap blijven wonen.
In 396 wordt hij bisschop van Hippo maar hij vond het vreselijk omdat daarmee ook een rechtsprekende taak op zijn schouders viel; de Scarcina episcopalis.
Een schat aan nagelaten werken
In 413 begint Augustinus aan zijn ‘Civitate Dei’; de stad Gods. Hij laat verder zeshonderd preken na, driehonderd brieven waarin hij correspondeert met andere kerkvaders, pausen en overheidsdienaren. Een ander beroemd werk dat hij schrijft is ‘Belijdenissen’ een boek dat gaat over zijn zoektocht naar God. Eigenlijk één lang gebed. Ook schreef Augustinus over goed onderwijs en de Heilige drie-eenheid.
Eénheid van Liefde; één van ziel, één van hart, op weg naar God
In het wapen van Augustinus staat ‘In illo uno orum’ hetgeen vertaald kan worden met ‘in de Ene zijn we Eén ofwel in Christus zijn we Eén. Het wapen bevat de Franse lelie en een brandend hart.
Het gaat om dienend leiderschap.
De kerk is het lichaam dat Christus als Hoofd heeft. Hij is onlosmakelijk met ons verbonden in LIEFDE!
Het doel is om Jezus Christus te volgen naar de Hemel.
In de mens tegenover je vind je God. Dit betekent dat het belangrijk is elkaar te eren in God want ieder van U is zijn tempel geworden.
Augustinus is de man van de relatie.
Degene die zijn broeder of zuster liefheeft, verdraagt alles voor de eenheid omdat de broederliefde precies bestaat in de eenheid van liefde.
“Juist in de Ander herken je God”
Zo staat ook beschreven in de encycliek die Paus Leo IVe onlangs uitgaf.
Pater Gerben Zweers, spreker en auteur van het boek ‘Maak kennis met Augustinus’ maakte waar wat Paus Leo de IVe voorleeft. Zijn boeiende lezing eindigde hij met een dialoog waarin wij als publiek de ruimte kregen vragen te stellen. Als Christen toonde hij dienend leiderschap, onbaatzuchtigheid en vriendschap.
Samenvatting door mevrouw M. Hesen.
Hartelijk dank!
























































